Bali 13 december

Bali, wat is het toch een heerlijk eiland. Een plek waar we heel graag ooit naar terug willen. Het lekkere Indonesische eten op het strand, de verkopers die ‘vrienden’ zijn geworden, de super golfen, de te leuke winkels, de prachtige cultuur en de vriendelijke, relaxe inwoners.

Het is vandaag onze laatste dag op Bali en we zitten op ons bedje op het strand. Allebei in een nieuwe zwemoutfit. Voor het eerst hebben we onszelf verwend met kleding alleen het zal even gaan duren voordat we het weer aan kunnen trekken helaas. De laatste dag zon voor voorlopig, wat klinkt dat raar, we kunnen ons geen kou meer voorstellen. Dat wordt nog wat met 5 graden op Schiphol!

Rik heeft net 3 dames aan zich laten plukken. Een die het eelt van zijn voeten scrubt (en dat is een werk na 8 maanden slippers), 1 die masseert en 1 die zijn oorhaar eruit trekt: hello, you want to look like a koala? Not nice…. en voor hij het wist zat er een pincet in zijn oren en zat hij met tranen in zijn ogen van de pijn. Wat zullen we dit eiland gaan missen. En niet alleen dit eiland…….

De reis zit er nu echt bijna op. Nog 2 dagen Hong Kong en dan is het ongelofelijke feest voorbij. Wat een leven. Wat hebben we als Nederlanders een mazzel dat we kunnen reizen. Een Balinees zal nooit van zijn eiland afkomen, in Fiji idem dito. Ondanks de economische crisis hebben we zo’n hoge salarissen dat alles in het buitenland goedkoop is. We hebben hier mensen ontmoet die het het beste geregeld hebben. Een half jaar hard werken in Nederland, geld sparen en dan een half jaar in Bali wonen om daar vakantie te vieren. Niet verkeerd toch?

Het is heel dubbel. Aan de ene kant willen we erg graag terug en familie en vrienden zien. Genieten van de kerstversieringen, de donkere/ koude dagen, filet amrican, paprika chips, bruin brood, bolussen en goed vlees. Aan de andere kant willen we niet naar huis. Vakantie gaat voor ons nooit vervelen. Het is wel goed dat we terugkomen want we kunnen de indrukken bijna niet meer opslaan: de harde schijf staat vol. Wat voor mij het reizen zo fijn maakt is het avontuur, de wisselende omgevingen en vooral de vrijheid. Elke ochtend bedenk je pas wat je die dag gaat doen. Verder de dingen als geen telefoon, geen verplichtingen en het allerbeste: geen werk: heerlijk! Het buiten leven, geen stress, veel sporten en slap ouwehoeren.

Hier op Bali stikt het van de Neckerman Nederlanders. Wat ons opvalt is dat ze zo luidruchtig zijn en zo gestresst. Net zoals wij dat weer over een paar maanden zullen zijn. Het eerste wat ze aan ons kwijt willen is hoe slecht het gaat in Nederland. Dat is best gek als je net al die maanden hebt gehoord hoe bevoorrecht we zijn omdat we zelfs kunnen reizen. Daarna willen onze landgenoten weten wat voor werk je doet. Een vraag die ons al die maanden nog geen 1 x is gesteld door anderen. Wij zijn als Hollanders gewoon erg gedreven en dat is ook iets waar ik erg trots op ben. Iedereen kent Nederland en wat waren we groot in de VOC-tijd. Jaja, we hebben veel geschiedenis gehad tijdens de reis. Op Bali waren we schurken but now we are friends, no worries….

Woensdagochtend 17 december komen we aan op Schiphol. Diezelfde vrijdag gaan we op wintersport, alsof het niet genoeg is geweest. In het nieuwe jaar begint het echte leven: solliciteren, hoe vinden we het huis terug: schilderen?, spullen naar Hilversum verhuizen, verzekeringen regelen, auto voor Rik, voor mij dokter, tandarts, etc. We vinden het nu al veel als we een taxi moeten regelen.

We verheugen ons er wel ontzettend op om jullie weer te zien! Rik zal nog een afsluitend verhaaltje schrijven maar ik bedank alle trouwe lezers alvast hierbij! Als jullie het niet erg vinden ga ik nog even mijn laatste golfjes pakken en me daarna laten masseren.

Tot snel!!!!!

Gili Meno 5 december 2008

Wat hebben we het toch weer goed en wat zijn er toch ook hier grote contrasten. Naast sloppen hutjes, straathonden, brandend afval en de geur van riool zijn er waanzinnige winkels en prachtige gedecoreerde hotels met wapperende vlaggen en clubs waar de laaste d.j’s draaien. Tijdens ons verblijf in Ubud hebben we geraft met Withaya. Echt een super ervaring om wildwater te varen door de jungle en het binnenland te zien. De Balinese indo is over het algemeen echt super en relaxed. Maar door de bomaanslagen en executie ligt nog steeds de toeristenindustrie op z’n gat, en moeten ze het hebben van een handje vol toeristen.

Hello, where are you come from, where do you stay, wanna buy sarong or sunglass, tomorow snorkling, looky looky, cheap cheap, where are you going, transport my friend, Yes, boss come into my shop???? Deze woorden zijn er zo ingebakken bij de verkopers dat er veelal alleen met deze woorden wordt gecommuniceerd. Buiten de, verder o zo vriendelijke mensen, willen de verkoopindo’s altijd wat verkopen aan je. Tot grote ergernis bij mij. Soms wordt het spelletje afwimpelen mij een beetje te veel en kan niet meer relaxed een reactie terug geven. De manier van benaderen gaat vaak gepaard met bovengenoemde woorden en daarna pucherig gedram of ze komen zelfs op je handdoek zitten. Als ik met Shirley in gesprek ben of een boek lees komt men er gewoon tussen om hun lelijke horloges of gebatikte tafelkleedjes te verkopen. Ik heb geleerd in mijn jeugd dat NEE NEE is. Hier is 1 keer NEE niet voldoende. Je begrijpt het al dat je hier af en toe je moet gedragen als een enorme hufter. Dat gevoel is niet goed

Op dit moment zitten we op Gili Meno. Een heel klein eilandje naast Lombok. In een half uur loop je het eiland rond en we zitten weer op een Bountyplek waar bijna niemand is. 3 kleine huisjes en 3 wat grotere. Samen met een gedreadlockte Schotse Yogaleraar zijn wij de enige gasten. Het vervoer gaat met paard en wagen en het zoete water is overal schaars. Af en toe merk je dat er weer een boot is aangekomen omdat steeds op hetzelfde uur de joypackers zich verspreiden opzoek naar een slaapplaats. Back to basic, even geen drammende verkopers en internet binnen handbereik, maar weer poepen op een ecotoilet en je wassen met ‘Naturalsoap’. Heel langzaam realiseren we ons dat we nu nog kunnen genieten van alle warmte en lekkere zee. Eindelijk lezen we boeken en liggen eens wat langer dan 10 minuten op een handdoek.

Over 2 dagen reizen we terug naar Bali en gaan dan nog 5 dagen surfen ( ja ja golfsurfen). Wat een leven en excuses dat we jullie weer met deze te mooie info moeten lastig vallen.

Bali 27 november 2008

Terwijl de klok gewoon door tikt, het leven gaat zoals het gaat, vrienden zwanger worden en de eerste sneeuwvlokken zijn gevallen in Nederland, komt er aan onze wereldreis heel langzaam een eind. Ja, heel langzaam, want we hebben nog ruim 3 weken. Op dit moment zitten we in een internetcafe uit te zoeken of het de moeite waard is om naar Komodo en Floris te reizen. We denken er zelfs aan om de Oerang Oetang nog te gaan bewonderen diep in de regenwouden van Sumatra. Het reizen gaat ons goed af. We maken ons nergens meer druk over en verplaatsten ons met taxi’s en brommers over het eiland. Bali is echt top! We genieten van al het lekkere eten, surfen als gekken en kijken onze ogen uit in alle design winkels en surfshops. Verder bezoeken we tempels en pakken zo nu en dan een Balinese dans mee.

Het is dinsdag en we zijn eergister verplaatst van Balangan naar een ander dorp waar volgens mij D-reizen of de Neckerman neer is gestreken. Alle niet volle resorts worden nu bezet door Nederlandse stellen die de afgelopen zomer hebben verbouwd en zoveel ruzie hebben gehad dat er niets meer tegen elkaar te zeggen is. Heel fijn al die Nederlanders, de Telegraaf is te koop als fotokopie en we vinden zelfs een Nederlands cafe met krokketen en frikandellen. Wat wekt het meer tegenzin bij mij om terug te gaan naar Nederland. De kroket smaakte wel erg goed.

Even nu iets anders. Vandaag zijn we naar een spa geweest voor een massage en JAWEL een schoonheidsbehandeling. Vanmorgen ben ik heel snel opgestaan en heb in alle haast voor het ontbijt alleen mijn korte broek aangetrokken. Maar ja, je voelt de bui al hangen. Na een voetenwas-sessie werden de gordijntjes gesloten en ons vriendelijk verzocht ons uit te kleden en alleen de onderbroek aan te houden. Maar oh oh oh! Ik moest helaas mededelen dat ik ‘geen’ onderbroek aan had. Shirley lag inplaats van op de behandeltafel onder de behandeltafel en kwam dus niet meer bij. Een van de dames overhandigde mij een heel klein zwart pakketje en zei dat ik dat moest aantrekken. Langzaam begon ik het uit te pakken in volle verwachting wat het zou zijn. Heerlijk, wat ik in mijn handen had heeft nog niet eens de voorpagina van de Pabogids gehaald. Een zwarte doorschijnende ziekenhuisslip. Wat enig!

Het enige wat ik kon doen is appelig naar het geval kijken wat veel weg had van een badmuts met 2 gaten. Shirley had inmiddels een rotberoerte en moest naar adem snakken toen ik hem voor de dames aantrok. Het stond zo smerig dat ik mezelf verafschuwde. Mijn gehele poulet stak links en rechts door de pijpen en ik stond letterlijk voor lul. Maar gelukkig duurde de behandeling maar 3 uur en moesten we verschillende keren draaien en kwam er voor elke behandeling weer een nieuw meisje waar ik m’n damesslip aan kon showen. Als klap op de vuurpijl kregen we een ‘ bodysteamer’. Een grote vierkante doos waar je alleen met je lichaam in zit en je hoofd er buiten steekt. In de doos wordt hete lucht geblazen. Bij Shirley werkte alles prima. Bij mijn stoombehandeling ging het apparaat stuk en zat ik vast in de doos terwijl langzaam mijn hoofd rood aan liep. Gelukkig glimt mijn lichaam als een bodybuilder van de massageolie en krijg ik de cocospeeling niet meer van mij gezicht. Ik voel me 10 jaar ouder en een ervaring rijker.

Bali 23 november 2008

7200 km oostkust en 1000 km westkust verder: G’bye land of Oz……
Geen camper meer, dag gasbarbies (bbq), vaarwel pies , vb’s, utes, overreden kangaroes, koala’s, a lot of nothing en de pas uit de grond gestampte, moderne steden. Na 2,5 maand de lijnen van de kust gevolgd te hebben zit Australie erop. We hebben het heel fijn gehad in Australie maar we hebben ook erg veel zijn in een nieuw avontuur!

Na Lancelin zijn we een paar dagen naar het zuiden gereden om Fremantle, Rockingham en Margaret River te bewonderen. Door de onrust in Bali (in Australie gaven ze een negatief reisadvies af) was onze vlucht eerst niet bekend maar al snel bleek dat al over 3 dagen te zijn. De keuze was snel gemaakt; verder het zuiden in gingen we niet meer redden dus terug naar onze fijne plek Lancelinc om nog even te kiten en onze ‘vrienden’ gedag te zeggen. We hebben daar genoten van het hostel en veel tijd met de Nooren, Duitsers, een Griek, Israeliers en Zwitsers doorgebracht.

Dit keer was er teveel aflandige wind (jaja, dat kan ook nog) dus alle watersporters van de lodge waren blij met wat gratis entertainment dat binnen kwam lopen. Zes 20-jarige Australian Paris Hiltons kwamen hun girlweekend op deze plek vieren omdat ze surfers wel spannend vonden. Om 12.00 ’s middags kwamen de Bacardi Breezers op tafel en werkelijk alle mannelijke gasten zijn aan hun trekken gekomen. Was het niet bij hunzelf dan konden ze wel meegenieten met de buurman die in dezelfde slaapzaal sliep. Maar wat hebben we gelachen:

De een had een naaktfotosessie van haar manageer moeten doen omdat Kate Moss dat ook had gedaan en als ze daar op wil lijken hoort dat er toch bij. De andere heeft Rik de hele avond geaddoreerd omdat hij dolfijnentrainer is en handmodelwerk ernaast doet. De 2 andere dames kwamen na uren huilend hun kamer in omdat ze 5 uur lang verdwaald waren in een dorp met 2 straten. Ze pasten niet precies in de doelgroep van deze plek maar ik had er 6 vriendinnen bij. Na een lipstickparty, uggs-ruil en veel pinky-promisses waren de meiden niet bij me weg te slaan, een genot voor de andere gasten. We zijn wel blij dat we nog even mee hebben kunnen maken hoe Ossie pubers zijn.

Onze hele camperinboedel hebben we in de keuken van het hostel achter gelaten: messen, glazen, wasmiddel, pannen, een koelbox, alle kruiden, etc. En toen was het moment daar; de camper inleveren… Toch was dat wel even raar na meer dan 70 dagen maar dat waren we snel vergeten na een dag shoppen in Perth en een heerlijk hotelbed met eigen toilet en douche en TV en uit eten. De volgende dag kwam onze taxi niet opdagen om naar het vliegveld te gaan dus dat was nog even stress, zeker omdat er wat beter gecontroleerd zou worden maar we zijn gearriveerd:

Bali, wat een fantastisch eiland. Het is een 2e-wereld eiland met hoofdzakleijk Hindoestaanse inwoners. Je hebt er zeker armoede maar ook mega-resorts en een pizzahut. Wat je ook zoekt, je hebt het hier. Australie was voor ons teveel zoals Europa, 1e-wereld, makkelijk te bereizen, etc. Niet dat wij nou zo’n diehard reizigers zijn hoor want Bolivia was wel erg 3e-wereld maar dit zit ertussen in. Je kan naar een schoon toilet lopen in een mooi hotel maar ook voor 1 euro op het strand eten. Het is bizar goedkoop: voor een leuk, in Balineese stijl hotel met zwembad betaal je rond de 17 euro, een scooter voor 1 dag 3,50 euro een massage voor een uur ook 3,50 euro. De mensen zijn enorm aardig ondanks dat ze het echt zwaar hebben. Door de 2 bomaanslagen is het toerisme nog niet wat het moet zijn dus je ziet veel gesloten resorts en masseurs en pedicuren vechten om je te mogen behandelen.

Toen ik op het strand mijn voeten liet pedicuren (nog nooit gedaan maar echt een aanrader na 8 maanden op slippers lopen) was er een dame zo boos dat ik haar niet had gekozen dat ze erop stond dat zij mijn andere voet mocht doen. Gillen op het strand, man erbij, wat een genante vertoning. Maar dat is heel normaal hier. De nagels van deze tandeloze vrouw waren zo vies dat ik het niet heb toegelaten. Verder zijn de mensen hier wel heel vriendelijk hoor en redelijk schoon.

We zijn de eerste dagen in het toeristische gedeelte gebleven (Kuta, Legian, Seminyak) waar we een dag surfles hebben genomen en waar we flink gewinkeld hebben: wat een walhalla, mega Billabongstores, Rip Curl, Roxy, bikinizaken, designer-kleding, interieurzaken, etc. We zijn met een scooter naar de bekende tempel Tanalot gereden via een prachtige route langs rijstevelden en kleine dorpjes waar kinderen enthousiast naar je zwaaien. Ook hebben we met mijn oude Tickets collega Withaya en zijn vriendin geborreld die nu in Bali wonen. Echt super leuk om hem weer te zien. Het liep uit in een avond stappen wat erg gezellig was.

Twee dagen geleden hebben we de drukte verlaten en zijn met een taxi naar Palangan gereden, waar we een rustdag hebben genomen op een bedje aan het strand. Ondertussen genieten we flink van massages en het heerlijke Indonesische eten: Sate, Nasi goreng, gado gado, verse visjes zoals kreeft, etc. Wat een leven, we zijn nu echt vakantie aan het vieren!!

Balangan zelf vonden wij een redelijk zooitje maar ook hier hebben we (gister) een scooter gehuurd en zijn we op avonturentocht gegaan. We kwamen uit bij een resort op een rots waar je met een lift naar het strand werd gebracht. echt niet normaal hoe schittend, zie foto’s. ’s Avonds zijn we naar Ulu Watu gegaan waar een prachtige tempel staat. Met uitzicht op zee en ondergaande zon, vergezeld door wat aapjes rond om ons heen, hebben we genoten van een dans die opgevoerd werd naast de tempel. Wat een dag. Nu zitten we voor 3 dagen in Sanur wat er ook weer erg leuk uitziet. De rijsttafel wacht op ons dus als jullie het niet erg vinden hou ik het kort.

Australie 10 november 2008

Na Ballarat hebben we koers gezet terug naar Melbourne waar we 3 dagen in de stromende regen op een camping hebben gestaan tussen deprimerende industrie. Of je met je tent in de havens van Rotterdam gaat camperen. Daar hebben we tussen de buien door de camper uitgesopt en uiteindelijk ons huis ingeleverd. De op een naar grootste paardenrace is de Melbournecup, met een prijs van 4 miljoen dollar. Op 4 november (onze vertrekdag naar Perth) werd deze gereden. Om te kijken als toeschouwer naar deze wedstrijd, dient het publiek in stijl gekleed te gaan. Mannen in klassiek kostuum en de vrouwen in jurkjes met een grote hoed. Al dagen van te voren paraderen de mannen en vrouwen hun nieuwe aankopen in de stad. Aangezien de Australier zich over het algemeen erg slecht kleed is dit festijn een overdresde ‘bakvissen’ parade. Ballonkuiten, dikke tieten, zwembanden gehuld in verenpracht afgemaakt met een halve pedaalemmer op het hoofd. Werkelijk een genot voor ons mensenkijkers. Ondanks het slechte weer was Melbourne echt te gek. Heel veel leuke winkels en heel belangrijk; goed Aziatisch eten.

Nu zijn we in het wilde westen. Voor het eerst hebben we het gevoel in het echte Australie te zijn. Zodra je Perth uitrijdt kom je in een outback omgeving. Eindeloos lange wegen, verbrande bomen in uitgestrekte vlaktes van geel gras of knal rode aarde. Helaas werd ook na 4 uur vliegen van Melbourne naar Perth het weer niet beter. Onze stop in Lancelin aan de kust 2 uur ten noorden van Perth was dan ook weer een natte en gure stop. Weer helemaal alleen op een lege camping en s’ nachts slapen met alle kleren aan, armoede alom. Lancelin is een van de beste kitesurfspots van het westen en daarom ook de plek voor internationale kampioenschappen windsurfen. De wind is constant en er is keuze tussen vlak water en hele hoge golven voor de diehards. Een plek waar we later nog naar teruggaan.

Omdat het weer slecht bleef zijn we noordelijker gereden naar Cervantes met de bekende Pinnacles desert in het Nambung National Park. Dit prachtige natuurwonder hebben we bekeken en gelukkig kwam er tussen de wolken door genoeg zon om foto’s te maken. De volgende dag waren er op de camping schoonmakers bezig met het schoonmaken van het herentoilet, dus moest ik op advies van een van de dweilkoning naar het blok van de vrouwen gaan. Maar oh oh in het vrouwen toilet kreeg ik de volle laag van een ander schoonmaaktalent dat ik niet in het vrouwen toilet mocht komen anders ging ze naar de politie en zou ik 7 jaar gevangenisstraf krijgen. Daar stond ik dan hoog nodig met mijn pleerol onder mijn oksel te luisteren naar weer zo’n vriendelijke conservatieve Sheila. Wat een lachwekkende vertoning. Het rare is dat dit niet de eerste keer is. Vrouwentoiletten zijn hier heilig, er mogen geen mannen komen. Daarintegen mogen er wel vrouwen in mannen toiletten komen en pissen enn douchen kinderen altijd in de toiletblokken waar de moeder is. Leuk om te weten toch?

Terug in Lancelin blijkt de camping vol te zitten dus moeten we uitwijken naar een andere, want op wildcamperen staat de doodstraf. De zon schijnt en er staat een flinke maar koude wind. We huren wetsuitpakken bij Werner. Werner is een norse Zwitser die weinig zin heeft in het leven en een verhuur trailer heeft staan met windsurfspullen. Werner kan niet lachen en haat kitesurfers. Wij doen overdreven aardig tegen hem en zwaaien en roepen ‘Joehoe’ als we langs kiten. Hij staat bekend als pain-in-the-ass maar wij hebben hem nu te vriend, we mogen zelfs niet meer voor de wetsuits betalen. Het kiten is heerlijk en we onmoeten Nooren, Zweden en een Zwitser. Allemaal het zelfde doel reizen en kiten. Eindelijk weer eens een ontmoeting met bloedverwanten.

Maar oh jeetje, terug op de camping blijkt er gewoon helemaal niet schoongemaakt te worden. Alles stinkt al dagen naar pis. Ja ja, na Oostenrijk hebben we een neus voor vieze luchtjes en weten we of iets echt schoon is of niet. Ik doe aardig melding van de vuiligheid bij de receptie. De vrouw van de receptie was er niet, maar wel 2 tandenloze Tokki mannen (waarvan 1 de eigenaar van de camping) die met halve liters bier naast de uitgereden slagboom zaten. Natuurlijk was het weer ‘How ya going’ dus begon ik het probleem uit te leggen. Maar ik werd per direct in de reden gevallen met de vraag waar ik stond op zijn erf en waar ik vandaan kwam. Ik maakte mijn verhaal af en gaf antwoord dat ik uit Holland kwam. De man begon begon werkelijk te schuimbekken en stem te verheffen en mij mede te delen dat ik geen Hollander was maar een Duitser en wel Adolf Hitler. Toch bekijk ik mijzelf al 37 jaar iedere dag in de spiegel, maar heb nog nooit een klein snorretje ontdekt bij mijzelf en is mijn accent meer met een Gooische aardappel dan Duits.

Deze vriedelijke man met Hitler-obsessie begon zo agressief te worden dat de hele camping uitliep om te kijken naar deze vertoning. Niemand greep in en ik had werkelijk geen idee vanwaar deze reactie. Heel langzaam begon ik te koken en ben gewoon weggelopen. Maar onze kampfuhrer kwam achter mij aan. Schreeuwend met een halve liter in zijn hand. Shirley op dat moment aan het koken hoorde mij al aankomen en roepen “er zit een gek achter mij aan”. De man was stront lazerus en was op dat moment niet meer opgewassen tegen 2 goedgebekte hollanders en droop af. Wat een ordinaire vertoning. Achteraf kwam zijn vrouw zich verontschuldigen en zij dat hij dit wel vaker deed naar gasten, het was heel normaal. Trouwens schoonmaken wou ze niet doen omdat zij die rommel niet maakt maar anderen.

Vandaag zij we dan ook weer verhuisd naar een hostel waar we met de camper in de tuin staan en gebruik maken van de keuken, zwembad, volleybalveld, pizzaoven en sanitairvoorzieningen. Deze plek ligt naast het kitestrand dus oh wat zijn wij gelukkig! Daarbij komen we weer eens onder de mensen en zien we het nieuws op de televisie. We schrokken dat de Balibombers zij geexecuteerd. Australiers worden geadviseerd voorlopig niet naar Bali te gaan omdat er weer aanslagen worden verwacht. Fijn vooruitzicht voor ons aangezien de volgende bestemming Bali wordt.

Australie 31 oktober 2008

Onderweg naar Sydney kwamen we langs de Huntervalley, bekend van de vele wijnhuizen die daar hun wijnen produceren. Hoe mooi is het om tijdens zonsondergang wijnen te proeven in een schilderachtige, franse maar toch Australische sfeer. Omdat het na vijfen op zaterdag was, waren veel wijnproeverijen dicht, maar toch vonden wij er een die de deuren openmaakte. Met open armen werden we ontvangen door een vriendelijke man die ons graag wat wijnen wilde laten proeven. Nadat we eerlijk hadden verteld geen grote, potentiele klanten te zijn was het “no worries mate” en vond hij het gewoon leuk om te vertellen en te laten proeven. Nadat we 6 flessen heerlijke Semillon Blanc uit 2006 hadden gekocht kregen we als cadeau een fles uit 1999 en om het helemaal af te maken nog eens een doos van 12 flessen Semillon uit 2006. Hatsee: 19 flessen witte wijn, daar moet op gedronken worden hihaho. Twee kiteboards, 3 kites, 1 surfplank van 3 meter, 1 koelbox en nog 19 flessen wijn erbij: Rik en Shirley de Hollandse zigeuners. Uiteindelijk op een vrij camping overnacht en de volgende ochtend wakker geworden van een kleine markt, die zich om de camping had gevormd, waar lokale handelaren hun honing, wijn, kruiden en tweedehands waar verkochten.

Sydney is friendly, sexy, glittering, funky, georgeos, outrageous. Sydney heeft alles wat Rotterdam niet heeft en Rotterdam heeft alles wat Sydney heeft. Jaja! Lopen door Sydney of een bus of trein pakken is een geweldige ervaring. Je waant je het ene moment door mooie wijken aan het water in Europesche sfeer, mooie gestylleerde restaurants en oude gebouwen en de andere keer begeef je je in de Koopgoot of Almere haven. Maar het beste van Sydney is het water: Sydney ligt aan zee en is de stad van de watersport: zeilen en surfen. Een prima plek voor ons om even een paar dagen te vertoeven en wat zaken te regelen rondom onze campervan en weer eens te slapen in een hotel met een echt bed, eigen w.c. en televisie. Ondanks dat het regende en zelfs sneeuwde en we mini cyclonen hadden, hebben we enorm genoten van de diversiteit van deze stad. Super Sydney!!!

Tijden onze belevenissen hebben we onderhandeld over de camper met een goed resultaat. We mogen de camper kosteloos inleveren in Melbourne en krijgen twee weken een nieuwe camper in Perth. Hoeree!
Onze plannen zijn nu om vanuit Melbourne naar Perth te vliegen i.p.v. vanuit Sydney. We hebben nog 11 dagen de tijd, meer dan genoeg dus voor de Great ocean road. Het is voor het eerst dat we wat kilometers moeten maken per dag en hebben dan ook maar 3 tussenstops gehad tot Melbourne: Lake Conjala, Mallacoota en Holey plains statepark. We doen steeds meer aan vrijcamperen waardoor Shirley okselhaar heeft tot aan haar knieen en mijn piemel de geur krijgt van een kaarboerderij. Zo……… eens even kijken of jullie nog wakker zijn, want onze verhalen schijnen steeds saaier te worden. Het is dan ook tijd voor iets nieuws, we zijn blij dat we bijna naar het westen gaan.

In Melbourne nog even een oud kitemaatje uit Fiji opgezocht en daarna begonnen aan de Great ocean road. Een prachtige route vol met koala’s, kangaroes, surfers, 65+ ers en vliegen. Vliegen, zoveel dat je liever uit je camper fotografeert. Aangezien we ons poepertje niet elke dag kunnen wassen blijven ze om ons heen hangen. Ondeweg hebben we eindelijk onze surfplank verkocht die we al hebben gedoopt tot de Titanic. Helaas weinig gebruik van kunnen maken omdat het weer sinds Sydney storm en 11 graden is. Als lichtpunt hebben we gelapen tussen de Koala’s en zelfs een baby koala gered, hiep hoi. Nu zijn we onderweg terug naar Melbourne via Grampians nationalpark en genieten we van onze laatste flessen wijn.

Australie 17 oktober 2008

Kitesurfen in Australie wordt steeds populairder. Maar wat schetst onze verbazing? In tegenstelling tot skateboarden en surfen, wat hier met de paplepel wordt ingegoten en veel historie heeft, is kitesurfen een sport die hier pas 2 jaar een ontwikkeling ondergaat. In Nederland is de sport zeker 10 jaar oud en we hebben zelfs wereldkampioenen. In Nederland is de sport cool en ben je tussen de 16 en 45 jaar. In Australie wagen vooral 55 plus-windsurfers met helmpjes op hun leven, om het kitesurfen onder de knie te krijgen. Een erg grappige gewaarwording.

Het merk Slingshot promote kitesurfen onder jongeren door reclame te maken bij wakeboardscholen. Kitesurfscholen zijn er weinig en als die er zijn wordt er altijd lesgegeven ongeacht het weer en de locatie, wat leidt tot gevaarlijke situaties zoals: kiten in riviermondingen met veel vaarverkeer, uitstekende palen en hele vlagerige wind. Caloundra was zo’n plek waar iedereen aan het oefenen was in veel te ondiep water met windstoten. Wij zijn hier gestopt ondat het echt te gevaarlijk was. Aan het eind van die dag werd er een kitesurfer afgevoerd in een ambulance.

Naarmate je steeds dichter bij Brisbane komt worden de mensen nog aardiger. Zo kregen wij in Caloundra een plek op een camping die eigelijk vol was met bij het inchecken een fles rode wijn van Rick and Barb (eigenaar van de camping en vrouw). Hoeree! Door Brisbane heen lopen en verlangen naar natuur en onze camper was weer een nieuw gevoel! Een dagje het stadse leven weer ondervinden en gehaaste, werkende mensen zien was weer voldoende. s’ Avonds hadden we ons verheugd op lekker vis eten in restaurant Toscane, want uiteten doen we eigelijk nooit meer (omdat we nog steeds genieten van onze eigen brouwsels uit onze camper). Maar onze seafoodplatter was niets meer dat een bord met 3 oesters en een berg vette kibbeling. ‘No worries mate, dan betaal je er gewoon eentje’. Dus zaten wij een half uur later bij de ‘lopendebandjapanner’ ernaast heerlijk Sushi te eten. Een beter plan en super goedkoop.

De volgende dag hebben we onze camper laten checken en koers gezet naar Surfers Paradise. Surfers Paradise is lelijk, commercieel en heeft weinig  weg van een gezellig surfstadje. In Surfer Paradise wordt ook nauwelijks gesurft. De toerist wordt hier geentertained door afgrijselijke pretparken en jetski excursies. De mooie houten Australische strandhuizen hebben hier plaats gemaakt voor pompeuse flatgebouwen met appartementen, clubs en winkels. Algemene sfeer: Cooldown, ID & T en Tokki. Trouwens voor deze groep is er alleen maar fastfood, zo erg dat Mac Donalds in een straal van 20 kilometer 30 vestigingen heeft zitten. Maar toch zijn we hier 2 dagen gebleven omdat er eindelijk weer eens wind was.

Ik moet even iets uitleggen: Om echt hard te kitesurfen en veel trucjes te doen gaat onze voorkeur uit naar lokaties met heel vlak water zoals: een meer, riviermonding, lagoon, of bij laag tij aan het strand. In Nederland kan met een winderige dag er ruig aan toe gaan aan de kust. Maar in verhouding tot een winderige dag in Surfers Paradise is Nederland peanuts. Kitesurfen in hoge golven vereist een hele andere techniek, omdat golven grote obstakels worden waar je eerst doorheen moet voordat je er mee kunt spelen. Toch met een beetje benen intrekken lukt het om achter de muur van water te komen. Ik kan eerlijk zeggen dat de golfslag die je ziet vanaf het strand gezichtsbedrog is. Op open zee is het ongeveer 5x erger en geeft je voor het eerst een kwetsbaar gevoel. Het voelt als een enorme bewegende donkerblauwe ski-piste. Terugkeren naar het strand met de kolkendemassa achter je geeft een prettiger gevoel en alle gelegenheid om te spelen. We zullen meer op bestemmingen komen met hoge golven dus deze ervaring was onze vuurdoop.

Nog meer naar zuiden ligt Byron Bay. Een zeer relaxed surfersstadje en thuishaven voor de Joypacker, veganistische toverknollen en Oerolblotenvoetendansers. Voor de jonge backpackers is er een hele ‘ learn to surf ‘ en whalewatch industrie opgezet. Er hangt een gemoedelijke sfeer en voor de tweede keer wanen we ons tussen echte golfsurfers. Jong en oud surft hier. Door de straten rijden oude auto’s met surfboards op het dak en zelf oude opa’s surfen. Toch zijn we een dorp verder op een camping gaan staan omdat er gekite word in Lennox head. Weer geen wind, dus maar een bezoekje gemaakt aan de plaatselijke surf/ kiteshop die tot onze grote verbazing gerund wordt door een Nederlander. Erik Groenwoud, voormalig windsurfer en heeft zijn eigen merk (Catapult) ontwikkeld. Erg toffe vent. Omdat er toch geen wind is kopen we voor 200 dollar een longboard van hem omdat we iedere keer veel geld kwijt zijn de huur van surfboards. Het board is 3 meter lang en lelijk. Hij doet het prima en daar gaat het om. De bedoeling is om in Sydney het board te verkopen. Zoals we al hadden voorspeld hadden bij de aankoop: ‘het is een blok aan ons been’. Bij alle handelingen in de camper moet het ding naar buiten. Omdat de plank 3 meter lang is en klem zit tussen de achterklep en keukenkastje kan je je kont niet keren. s’ Nachts ligt de plank onder de camper of op het dak. I’ts so easy…..

Om wat dichter bij Byron Bay te zitten om te surfen zijn we verhuisd naar een camping dichter bij het stadje. Byron Bay heeft goede golven voor ervaren en minder ervaren surfers. Nadat we een goede 3 uur durende surfsessie hadden afgerond en nog wat aan het afspoelen waren naast de camper stopten onze vrienden Robert en Eva naast ons. Vijf weken geleden hadden wij hun voor het laatst gezien in Daintree National park. Net als wij reizen zij ook naar het zuiden en lagen 2 dagen achter op ons en hebben ons nu ingehaald. Dit moest gevierd worden met de beloofde sate ajam en Australische wijn. De dag erna hebben we walvissen gezien die vergezeld waren door dolfijnen. Weer een hele bijzondere ervaring en bijna ongelofelijk. Het fotograferen van deze beesten is een onmogelijke taak met een klein toestel zoals wij hebben. Als ze uit het water komen ben je net te laat. We hebben het geprobeerd, zie foto’s.

Na een week Byron Bay was het tijd om te gaan rijden richting het zuiden. Ondertussen begonnen we toch echt de wens te krijgen om wat land inwaarts te gaan en we zijn via de Waterfall Way gereden. Een prachtige route met wat gewandel in Tropische regenwouden met watervallen natuurlijk. Eindelijk was het moment aangekomen om vrij te kamperen. Een prachtige spot aan een rivier tussen de koeien en een rivier om ons in te wassen. Eigenlijk hadden we het al veel eerder moeten doen, het werkt verslavend. Gewekt worden door een loeiende koe die tegen je camper staat de piesen, wat wil je nog meer…..

Ondertussen zijn we aangekomen in Forster Beach, nog net boven Sydney. Je ziet hier de dolfijnen vanaf het strand en we zijn de enige op een prachtige camping aan het strand en aan het meer. Gister een uur bezig geweest met het voeren van een possum of tree kangaroe, daar zijn we nog niet helemaal uit. We zijn aan het overwegen om ons schema te wijzigen. We zouden 11 november vliegen van Sydney naar Perth maar aangezien we al bijna in Sydney zijn….denken we eraan om de camper in Melbourne in te leveren en te vliegen vanaf Melbourne naar Perth. Dan pakken we dat ook nog even mee.